Netwerk GRONDig
Belangenorganisatie voor de grondgebonden en de biologische melkveehouderij

Netwerk GRONDig  de belangenorganisatie voor de grondgebonden en biologische melkveehouderij. 

Word ook donateur van Netwerk GRONDig!
Grondgebonden melkveehouderijen zijn de kringloopbedrijven bij uitstek. 
Dat is meer dan alleen plaatsingsruimte van mest. Het is circulaire bedrijfsvoering van bodem, dier en gewas in samenspraak met de leefomgeving. 

Belangrijk hierbij: koeien in de wei,  weidevogelbeheer, bodemvruchtbaarheid, een aantrekkelijk landschap, maatschappelijk gewenst.
Daar hoort een Eerlijke Melkprijs bij voor grondgebonden melk... EN: regelgeving 
die rechtvaardig is voor kringloopbedrijven.
Daar zet Netwerk GRONDig zich voor in, ook in 2018!  

 

20 maart 2018: overhandiging Definitie GRONDGEBONDEN aan Kamerleden van de commissie LNV namens Netwerk GRONDig en alle organisaties die de definitie onderschrijven

en daarna overhandiging van de Definitie door prof.Jan Douwe van der Ploeg aan mevrouw Sonnema, Directeur generaal van het ministerie van LNV.

Nieuws en actualiteiten


Terug naar overzicht

01-11-2017

Uitspraak in Hoger beroep

Een flinke klap in vele gezichten. Het typeert de impact van de uitspraak gisteren door de rechter in Den Haag. Een dreun. In één klap het gevoel van rechtvaardigheid weg en financiële problemen voor in de plaats.
Onverteerbaar dat grondgebonden en biologische bedrijven het nakijken hebben door een reductieplan dat onder het mom van solidariteit opgesteld is door LTO, NMV en de NZO. Later bekrachtigd met een Ministeriele Regeling door het ministerie van EZ.
Het woord solidariteit is ineens een verschrikkelijk woord geworden. Want wat is dat eigenlijk, het solidair zijn? Als je geen probleem/overschot aan fosfaat produceert, omdat je grondgebonden bent gegroeid is het overschot van een ander nu ook deels jouw overschot. Is dat solidair? Volgens mij is dat afwentelen.
Ik weet wel, u schiet niets op met deze tekst. Maar ik moet het kwijt. Binnen netwerk GRONDig gaan de problemen van u ons niet in de koude kleren zitten. Het valt dan ook heel verkeerd dat de bedenkers van het reductieplan in de media verheugd hebben gereageerd op de uitspraak van gisteren. Dat is niet solidair, dat is elitair.
Wat nu? Is een veel gestelde vraag die bij GRONDig binnenkwam na de uitspraak.
Vanmiddag hebben wij overleg gehad met advocaat Peter Goumans.
Wij schetsen u de situatie en de (on)mogelijkheden:

Voor wie geldt de uitspraak?
De uitspraak van gisteren 31 oktober geldt formeel alleen voor de melkveehouders die in april betrokken waren bij het eerste Kort Geding. Donateur en melkveehouder Frans Zanderink is één van hen en nu zwaar getroffen. Voor hem geldt nu het reductieplan en de heffingen alsnog. Dit Hoger Beroep is ingezet tegen de uitspraak na het eerste Kort geding.

En de melkveehouders die de ‘lichte toets’ hebben doorstaan?
Voor hen geldt nog steeds dat het reductieplan buiten werking is. Na het tweede Kort geding waarin de voorzieningenrechter opnieuw stelde dat er lichte toets moest komen voor vergelijkbare bedrijven die 2e Kort geding wonnen is door de Staat nog geen Hoger Beroep ingesteld.
Het ligt in de lijn van verwachting dat dit Hoger Beroep nu snel wordt aangevraagd door de Staat na hun ‘succes’ van gisteren. Dit Hoger Beroep wordt dus ingesteld tegen de uitspraak van tweede Kort geding (oa tegen lichte toets).
Na gisteren lijkt een kans op gunstige uitspraak ver weg bij dat tweede Hoger Beroep.

Een situatieschets en Hoe nu verder, wordt per nieuwsbrief alleen aan de donateurs gestuurd.

 Uitspraak Hoger Beroep 31 oktober 2017.pdf


Terug naar overzicht



Netwerk Grondig dient DEROGATIE opvatting in op ministerie.
De onderhandelingen over nieuwe derogatie (na 2018) zijn op het ministerie met de sectorpartijen van start gegaan.
Kortweg: GRONDig pleit voor:

Een nieuw fundament onder derogatie:  ‘Van BEDRIJFS- naar GRAS-derogatie’ 
Derogatie toestaan op al het grasland en verruiming voor dierlijk mestgebruik voor dit gewas van 250 naar 300 N. Positieve neveneffecten: minder kunstmest op grasland; geen gevaar voor uitspoeling door hogere mestbehoefte van gras; stimuleert en behoud areaal grasland. Ook derogatie op gras van gemengde bedrijven.